Lekker Lupine zet vergeten gewas op de kaart

Gezond, voedzaam en eiwitrijk, goed in ons klimaat te verbouwen, stikstofbindend en met blauwe en witte bloemen ook nog eens prachtig in het landschap. Lupine heeft als bron van plantaardig eiwit veel potentie. Maar voor succes geoogst kan worden, is nog veel ontwikkeling nodig. “Door de import van goedkope soja is lupine een vergeten gewas, de veredeling loopt vijftig jaar achter”, verklaart akkerbouwer André Jurrius. “Daarnaast is de vraag vanuit de markt nog beperkt, het is nauwelijks bekend bij consumenten.” Het initiatief Lekker Lupine, dat hij samen met Marieke Laméris van Proeflab Wageningen startte, moet daar verandering in brengen.

André Jurrius heeft een biologisch-dynamisch akkerbouwbedrijf in Randwijk, De Lingehof, nabij Wageningen. Op 135 hectare teelt hij veertien verschillende gewassen, waaronder aardappels, bieten, pompoenen en granen, maar ook kleinere gewassen als quinoa. In 2008 begon Jurrius met de teelt van blauwe lupine, voor de Vegetarische Slager. Inmiddels is hij overgeschakeld op witte lupine, een soort met een lager alkaloïde- of bitterstofgehalte die niet extra bewerkt hoeft te worden voor consumptie. De lupinebonen bereiken uiteindelijk in glazen potten onder het biologische label ‘Smaakt’ en het eigen label van Ekoplaza de consument in de supermarkt.

André Jurrius en Marieke Laméris op de akker van De Lingehof: “Lupine is een kansrijk alternatief voor soja. Maar de vraag naar lupine moet eerst groeien.”

 

De ontwikkeling van de lupineteelt draagt bij aan de eiwittransitie, de overgang van dierlijke naar meer duurzame en plantaardige eiwitten. “Als duurzaam alternatief voor soja uit Zuid-Amerika is lupine zeker kansrijk”, zegt Jurrius. “Sojabonen doen het in ons klimaat minder goed. Maar lupine heeft nog meer voordelen. De boon is niet alleen rijk aan eiwitten en voedingsvezels, de plant is een stikstofbinder en zorgt zo voor een natuurlijke bemesting van de bodem. Daarnaast trekt de bloem insecten als hommels en vlinders aan. Het is een prachtig gewas, dat bijdraagt aan meer variatie in het landschap en versterking van de biodiversiteit.” 

Beste idee

De meeste mensen kennen lupine wel als sierplant. “De eetbare lupineboon is veel minder bekend”, zegt Marieke Laméris, van Proeflab Wageningen. Jurrius en Laméris vonden elkaar tijdens de Rabo Food Forward Track, een initiatief van de Rabobank waarin partijen uit de voedselketen samen oplossingen bedenken voor het voedselvraagstuk. Het plan om met Lekker Lupine zowel de teelt als de consumptie van lupine te vergroten, werd dit voorjaar verkozen tot beste idee. “Het plan is om een coöperatie te starten”, zegt Laméris. “We hebben inmiddels een netwerk van acht telers. Ook wetenschappers, koks en ondernemers kunnen zich aansluiten. Maar de vraag naar lupine moet eerst groeien. Dus beginnen we met vertellen wat lupine is.”

Lupine op ieders bord, dat het is streven van Lekker Lupine. “Om dat voor elkaar te krijgen, is onderzoek nodig”, gaat Laméris verder. “Wie is de doelgroep? Hoe gaan consumenten lupine gebruiken? Wat willen chef-koks? En wat kunnen de voedselverwerkers ermee? Vleesvervangers zijn ‘booming’ en lupine is een goed alternatief voor soja dat van ver moet komen.” Studenten van Wageningen University & Research doen onderzoek naar de consumentenbehoefte, maar ook naar de teelt en veredeling.

Colors World Food is een van de Wageningse restaurants die een gerecht met lupine op de menukaart heeft gezet.

 

Gewoon aan de slag

Intussen zitten Jurrius en Laméris allerminst stil. In de zomer werd een veldexcursie georganiseerd en in oktober wisten ze lupine op de kaart te krijgen van tien Wageningse horecaondernemers, tijdens de Week van de Duurzaamheid en de Dutch Food Week. “Het gaat óók om zichtbaarheid”, benadrukt Laméris, die met haar Proeflab Wageningen partijen uit verschillende disciplines rondom voedselvraagstukken bijeenbrengt. “Door gewoon aan de slag te gaan en ervaring op te doen in de praktijk, trek je mensen aan. Zo wordt de cirkel steeds groter.” Laméris verwijst daarmee naar de ‘community’ van enthousiastelingen die zich gaandeweg rond Lekker Lupine vormt. “We merken dat de belangstelling toeneemt. Mensen met nieuwe, innovatieve ideeën sluiten zich aan. Eigenlijk weten we nog niet half wat de potentie is van lupine. Het begint nu pas.”

Een grotere vraag naar lupine is essentieel voor de groei van lupineteelt in Nederland, benadrukken Laméris en Jurrius. “Bij een kleine markt zullen veredelaars niet in de ontwikkeling van het gewas investeren”, legt de teler uit. “En veredeling is nodig om de plant weerbaar te maken tegen ziektes, het gehalte aan alkaloïden verder te verlagen en de opbrengst van de plant te verhogen.” Op de Lingehof is de opbrengst lupine nu tussen de 2 en 2,5 ton per hectare. “Dat moet wel naar een verdubbeling”, geeft Jurrius aan. Om de vraag te laten groeien, is productontwikkeling nodig. “Zodat lupine een gebruikelijk ingrediënt wordt in de Nederlandse keuken”, zegt Laméris, die de lupineboon vergelijkt met de kikkererwt. “Maar dan meer met een ‘bite’ en minder melig.”

Heel Europa

Jurrius en Laméris zien, ondanks alle stappen die nog nodig zijn, veel toekomst voor lupine in de transitie naar meer lokaal geproduceerd en plantaardig eiwit. Ook, of misschien wel juist in Regio Foodvalley. “Lupine doet het goed op lichte zandgrond”, zegt Jurrius. “En in deze regio is er goede toegang tot kennis”, vult Laméris hem aan. “Met die kennis en samenwerking met andere partijen kunnen we hier met lupine een ‘best practice’ ontwikkelen voor heel Europa. Lupine gaat ons veel brengen. Meer biodiversiteit, maar vooral gezonde voeding van dichtbij.”

Download Groei #6

Dit artikel is onderdeel van ons magazine Groei. Benieuwd naar alle artikelen? Download het magazine gratis.

Download Groei #6 (pdf, 11,21 MB)
Naar overzicht