Samen opleiden voor de technische praktijk van de toekomst

Op de koffie bij Technova College

De arbeidsmarkt in de technieksector staat onder druk in Regio Foodvalley. Er is werk genoeg, maar er zijn te weinig vakmensen, en ook minder jonge mensen die voor een praktische opleiding kiezen. Hoe win je en hoe behoud je talenten voor de techniek in Regio Foodvalley? Verandert de rol van het technische onderwijs? Hoe organiseren we met bedrijven dat met het onderwijs gezamenlijk oplossingen worden gevonden?’ Met deze en meer vragen gaan we op de koffie bij Technova College.

De arbeidsmarkt is niet alleen krap. Tegelijkertijd veranderen ook de gevraagde kennis en vaardigheden snel. Dat gebeurt door onder andere digitalisering, energietransitie, verduurzaming, AI, nieuwe technieken en nieuwe bouwmethodes.
Volgens onderwijsmanagers Annet Leeflang en Hans Schipper bij Technova College ligt de sleutel tot voldoende goed technisch personeel voor de toekomst in het structureel samen optrekken met technische bedrijven in de regio. 

Blijven leren en ontwikkelen met Technova College

Bij het Technova College kan je kiezen voor complete voltijds beroepsopleidingen (bol). Maar ook voor beroepsbegeleidende leerwegen (bbl), waarbij je leren en werken combineert. Bijvoorbeeld één dag school en vier dagen werken. “Daarnaast spelen we ook met maatwerk in op ‘Leven Lang Ontwikkelen’, de behoefte aan scholing voor mensen die al werken of die willen zij-instromen. Want het gaat niet meer om alleen instroom, maar ook om mensen te boeien en behouden.”

Opleiden betekent voor Technova niet alleen kennis en vaardigheden bijbrengen voor een beroep. “Het betekent ook het voorbereiden van studenten op een eventuele vervolgopleiding, en vorming van studenten tot verantwoordelijke burgers”, vertellen de onderwijsmanagers.

De bestaande samenwerking met bedrijven wil Technova graag verder verbreden, ook naar kleinere bedrijven die misschien geen personeelsafdeling of scholingsbeleid hebben. “Wij willen het liefst geen enkel technisch bedrijf met een onderwijsbehoefte hoeven uitsluiten. Maar hoe betaalbaar en uitvoerbaar dat is, verschilt soms per branche”, vertellen de onderwijsmanagers.

“Als bedrijven binnen een branche hun vraag naar een bepaalde opleiding goed weten te bundelen, dan zijn wij vaak in staat de gewenste opleiding ook aan te bieden. Ook doen wij actief moeite om de behoefte aan bijscholing boven tafel te krijgen”, vertellen Schipper en Leeflang. “En sommige branches zijn zelf heel goed in staat om het doorleren na je diploma te organiseren met brancheopleidingen en certificaten.” Maar lang niet in elk bedrijf is jezelf door ontwikkelen vast onderdeel van het werk. Maar stilstaan in deze tijd is misschien geen goed idee. “En wat voor medewerker wil je over vijf jaar hebben?”

De tekst gaat onder de foto verder.

Regionaal samenwerken in projecten

Voor de regio is het van belang te weten welke nieuwe vaardigheden en kennis de veranderende wereld vraagt. En ook waar je opdrachten vindt die cursisten echt motiveren en boeien. Dat gaat allebei heel goed in projecten waarin ondernemers, onderwijs en overheid samen oplossingen voor problemen in de echte wereld verkennen, merken de onderwijsmanagers.

Precies het type samenwerking waar Regio Foodvalley graag met de Human Capital Agenda op inspeelt. “Denk aan projecten rondom een thema, zoals biobased bouwen bijvoorbeeld”, vertelt Leeflang. Bij biobased bouwen werken bedrijven, regio en ondernemers samen aan het stimuleren van een gezonde, circulaire bouwketen door gebruik te maken van hernieuwbare, natuurlijke materialen uit de regio zelf. Voor het onderwijs is dit een praktijkvoorbeeld met veel impact. “Leerlingen leren vooral wanneer opdrachten echte impact hebben. Dat soort ‘high impact learning’ motiveert studenten enorm.”

In de samenwerking rondom urgente en actuele thema’s ligt ook een sleutel naar geschikt personeel en mogelijkheden voor ontwikkeling van eigen mensen voor kleinere mkb-bedrijven, stellen de onderwijsmanagers. “Regio Foodvalley bestaat voor een groot deel uit mkb-bedrijven”, vertellen ze. “Voor een klein bedrijf zonder personeelsafdeling kan het zeer interessant zijn, om een rol te overwegen in zo’n project.”

De tijdsinvestering waard

Het nemen van een complete rol als stageadres voor een voltijd leerling of als leerwerkplek voor een bbl-leerling, is voor bedrijven makkelijker gezegd dan gedaan, beseffen de onderwijsmanagers.

“Want stagairs en afstudeerders naar de werkvloer halen, of een leerbedrijf zijn, is niet vrijblijvend”, leggen Schipper en Leeflang uit. “Mensen in opleiding zijn méér dan extra handjes. Als je een student alleen inzet voor productie, mis je de kern,” zegt Schipper. Want een leerwerktraject of stageplaats bieden, is een investering in toekomstig vakmanschap. “Dat vraagt van bedrijven dat ze zich verdiepen in wat opleiden eigenlijk betekent. Het gaat niet alleen over beroepsvaardigheden maar ook om persoonsvorming van de leerling, ruimte geven om te ontwikkelen en te groeien. De maatschappelijke opdracht voor het mbo is veel groter dan beroepsvaardigheden en werknemersvaardigheden. We werken toe naar een drievoudige kwalificatie, voor beroep, identiteitsontwikkeling en doorstroommogelijkheid.”

Maar werken met studenten kan, als je ze ruimte geeft, ontzettend verrassende en frisse oplossingen opleveren. “We onderschatten structureel wat studenten te bieden hebben”, weet Schipper.

Een lerende school

De veranderende praktijk waarin bedrijven en overheid meer samen optrekken en zich blijven ontwikkelen, vraagt een andere houding van docenten. “Docenten hoeven niet meer alles te weten. Het tijdperk van ‘vertellen hoe ze het moeten doen’ is al lang voorbij. De rol van een docent is die van nieuwsgierige leerlingbegeleider, en die van de school een lerende ondernemende organisatie, in een ecosysteem met ondernemingen.”

Technova zou dan ook graag structureel met bedrijven willen optrekken om de ontwikkeling van kennis, vaardigheden en personeel gelijke tred te laten houden met de vraag van de toekomst. “Daarvoor willen we ons graag goed zichtbaar maken in de regio.”

“Investeren in studenten en onderwijs kan dan wel wat tijd kosten, en meedoen aan ‘onderzoekende’ projecten kan dan wel een ‘onzekere output’ geven... Het levert ook zo veel meer op dan een ‘quick win’”, stelt Leeflang. “Als je samen onderzoekt wat wel en niet werkt, ontstaan er oplossingen die een vraagstuk op de langere termijn echt verder helpen.”

De koffiebeker gaat naar…

… Gert-Jan Koetsier, kwartiermaker van de Techniek Coalitie Regio Foodvalley en Piet Koppelaar van Revabo.  Zij beantwoorden onder andere de vragen: Welke rol speelt de Techniek Coalitie in het verbeteren van het technische arbeidstekort in de regio? En hoe zorgen we ervoor dat het onderwijs een goede en duidelijke rol speelt binnen de Techniek Coalitie?