Sterkere natuur en meer biodiversiteit in de regio
In Regio Foodvalley worden in 2026 belangrijke stappen gezet om ook buiten de N2000 gebieden de natuur te versterken en de biodiversiteit te verbeteren. Gemeenten, provincies, Ministerie van LVVN en het waterschap werken samen aan twee hoofddoelen: Basiskwaliteit Natuur (BKN) en Groenblauwe Dooradering (GBDA). We leggen uit wat er in 2025 is opgepakt en wat er in 2026 op de planning staat.
Basiskwaliteit Natuur gaat over het verbeteren van de leefomgeving van soorten zoals vogels, vlinders, insecten, kleine dieren en planten. Groenblauwe Dooradering is het netwerk van bomenrijen, heggen, bloemrijke bermen, sloten en beken dat natuurgebieden met elkaar verbindt. Dit netwerk is heel belangrijk voor planten en dieren om zich te kunnen verplaatsen. Het doel is dat er in 2050 minimaal 10% goed functionerende groenblauwe dooradering in de regio is.
In 2025 is er veel voorbereid. Regio Foodvalley werd pilotgebied van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Daardoor is extra kennis en ondersteuning beschikbaar gekomen. Ook zijn de eerste nulmetingen voor Basiskwaliteit Natuur en Groenblauwe Dooradering uitgevoerd. Daaruit blijkt onder andere dat steden vaak beter scoren dan het landelijk gebied. Verder was er een regionale kennisdag en is er een klankbordgroep gevormd met agrariërs, natuurorganisaties en andere partners. De nulmetingen en kaarten geven inmiddels een goed beeld van waar de natuur sterk is en waar nog kansen liggen.
In 2026 wordt dit werk vervolgd. Er komen kaarten van het natuurlijk systeem en ecologische hotspots, zodat de regio beter kan bepalen waar ruimtelijke plannen mogelijk zijn en waar natuur juist bescherming nodig heeft. Ook worden de “witte vlekken” in de monitoring aangevuld, zodat er een vollediger beeld ontstaat van de natuurkwaliteit. Daarnaast wordt onderzocht hoe goed de bestaande groenblauwe dooradering werkt. Gemeenten en het waterschap passen hun beleid aan, zodat Basiskwaliteit Natuur en Groenblauwe Dooradering vast onderdeel worden van dagelijkse keuzes over ruimte en beheer. Ook wordt gekeken naar nieuwe manieren om maatregelen te financieren en komt er een communicatieplan om de kennis breder te delen. Met deze stappen werkt de regio gericht verder aan een gezonde leefomgeving, waarin natuur, landbouw, dorpen, steden en bedrijven beter in balans zijn.